Is de speekseltest bij drugs in het verkeer nog wel heilig?

Wie als bestuurder een positieve speekseltest en speekselanalyse aflegt voor drugs, lijkt juridisch vaak in een uitzichtloze positie te zitten. De wetgeving rond rijden onder invloed van psychotrope stoffen is immers strikt en gebaseerd op objectieve grenswaarden. Toch heeft het Hof van Cassatie in een recent arrest van 24 maart 2026 (P.26.0155.N) geoordeeld dat de speekselanalyse geen “absolute waarheid” is. De rechter mag op basis van andere bewijzen (zoals een urinetest bij een dokter) beslissen dat er twijfel is en de bestuurder vrijspreken.

De casus: Speekseltest versus Urinetest

De zaak draaide om een bestuurder die door de politie werd gecontroleerd. De procedure verliep volgens het boekje: de checklist was positief, de speekseltest ter plaatse gaf cocaïne aan en de latere analyse door het officieel laboratorium (NICC) bevestigde een gehalte aan cocaïne dat ruim boven de wettelijke grens lag.

De bestuurder hield echter voet bij stuk: hij had geen drugs gebruikt. Hij handelde onmiddellijk en bood zich nog geen uur na de politiecontrole aan bij zijn huisarts voor een urinetest onder toezicht. Het resultaat? Negatief voor cocaïne.

Speekseltest versus urinetest als bewijs voor drugs in het verkeer - Arrest Hof van Cassatie dd. 24 maart 2026

Het standpunt van het Openbaar Ministerie

Het Openbaar Ministerie (de Procureur des Konings) ging in cassatie tegen de vrijspraak door de correctionele rechtbank van Leuven. Volgens het parket kon een urinetest nooit de bewijswaarde van een correct uitgevoerde officiële speekselanalyse ondergraven. De argumenten waren technisch:

  • De biologische matrix is anders (urine vs. speeksel).
  • De grenswaarden en analysetechnieken zijn niet vergelijkbaar.
  • De bestuurder had maar een officiële tegenexpertise van het speekselstaal moeten aanvragen als hij niet akkoord ging.

De beslissing van het Hof van Cassatie: Vrije bewijsleer

Het Hof van Cassatie volgde de redenering van de Procureur echter niet en bevestigde de vrijspraak. De belangrijkste lessen uit dit arrest zijn:

  1. Geen bijzondere bewijswaarde: De wet kent aan de resultaten van een speekselanalyse door een erkend labo geen bijzondere bewijswaarde toe. Het is dus geen bewijs dat boven alle andere bewijzen staat.
  2. Vrije beoordeling door de rechter: De rechter beoordeelt de bewijswaarde van de speekseltest volledig vrij. Als een tegenbewijs (zoals een urinetest afgenomen bij de huisarts kort na de feiten) geloofwaardig genoeg is om twijfel te zaaien, mag de rechter de speekselanalyse opzij schuiven.
  3. Tegenexpertise is geen plicht: Het feit dat een bestuurder niet onmiddellijk om een officiële tweede speekselanalyse heeft gevraagd, betekent niet dat hij zijn recht verliest om op een andere manier zijn onschuld aan te tonen.

Wat betekent dit voor u?

Dit arrest is van cruciaal belang voor iedereen die ten onrechte beschuldigd wordt van rijden onder invloed van drugs. Het bewijst dat “de computer zegt ja” (of in dit geval: het labo zegt positief) niet het einde van de weg hoeft te zijn.

Wanneer u overtuigd bent dat een speekseltest onterecht positief is (bijvoorbeeld door fouten in de afname, kruisreacties met medicatie of andere oorzaken), is het essentieel om onmiddellijk actie te ondernemen. Het laten afnemen van een tegenstaal (urine of bloed) bij een arts kan, mits dit zeer snel na de controle gebeurt, het verschil maken tussen een zware veroordeling met rijverbod en een vrijspraak.

Wordt u vervolgd voor rijden onder invloed van drugs? Wij analyseren uw dossier tot in de kleinste details om te zien of de procedure correct is verlopen en of er ruimte is voor een succesvolle vrijspraak op basis van de meest recente rechtspraak.

Meteen contact opnemen?

Advocaat Bart Bleyaert
Scroll naar boven
1